ANTI-VIRUSWERKING

ANTI-VIRUSWERKING.
Sita van de Munnik, homeopatischarts te Schagerbrug (Homeo Natura).

Antibiotica werken niet bij een virusinfectie. Het is heel mooi dat er een homeopathisch middel bestaat dat wel een antivirale werking heeft.
Denk daarbij bij de mens aan diverse griepvirussen, bij dieren aan alle mogelijke virussen van de luchtwegen of andere. Het middel arsenicum album C30 of 30K werkt bij alle diersoorten (en de mens) als antiviraal middel.

Voor onderstaande doseringen wordt uitgegaan van granulen, dat zijn de iets grotere korrels van het homeopathische middel arsenicum album.
Kenmerkend voor het homeopathische geneesmiddelenbeeld van arsenicum album zijn een deel van de volgende symptomen: ernstige onrust en angst, dorst, jeukende en brandende huid, periodiciteit van alle klachten, zwakte, verergering om middernacht en in rust, verbetering door warmte.
Droge hoest en kortademigheid als men gaat liggen, diffuse diarree. Ingeval van braken: drinkt de patiënt een beetje water, dan wordt dat korte tijd later (als het is opgewarmd in het lichaam) weer uitgebraakt.

Preventief gebruik:
Honden, katten, paarden, geiten, schapen, koeien etc. (en ook mensen): 2-3x per week 1-2 granulen (korrels) per dier (of mens) ingeven.
Rechtstreeks ingeven (bij de mens opzuigen) of door iets eetbaars mengen.
Bij koppel- behandeling kunnen de granulen worden opgelost in lauwwarm water en dan worden verdeeld over de drinkbakken.
Neem in dat geval een hoeveelheid water die in ongeveer 1-1,5 dag opgaat, zodat zo min mogelijk van het middel verloren gaat.
Alle soorten gevogelte en knaagdieren (groot of klein): 2-3x per week 1/2 granule (korrel) per dier nemen (1/2 granule rekenen we bij koppelbehandeling).
Bij dieren die alleen in een hok zitten 1 granule rekenen).
De granulen mogen door het drinkwater. Neem ook hier een hoeveelheid drinkwater die in ongeveer 1-1,5 dag wordt opgedronken.

Bij al aanwezige virale besmetting:

Arsenicum album 1x daags ingeven, zelfde dosering als hierboven genoemd. Dan bij voorkeur combineren met een aantal van onderstaande weerstandverhogende middelen, als:
Aconitum napellus (blauwe monnikskap): grote angst, hevige dorst, geschikt voor de acute koortsfase.
Ailanthus glandulosa (hemelboom):
verwardheidtoestanden, zwakte, ontstoken amandelen, koliekachtige maag-darmontsteking (braken en/of diarree).
Argentum nitricum (zilvernitraat)
maagklachten (patiënt verlangt naar suiker, maar verdraagt het niet), nerveuze diarree (exa- menangst, opwinding), maagpijn, slijmbraken met opboeren, onrust, duizeligheid, geheugenzwakte.
China (viltige kinaboom): zwakte, uitputting en slaperigheid, kringen om de ogen, donkere bloedingen uit neus, long, maag-darmkanaal en baarmoeder, zwelling van de milt, gebrek aan eetlust, maar wel vol gevoel, voedsel wil niet zakken, diarree na elke maaltijd, oorsuizen en duizeligheid, hartkloppingen, depressies.
Echinacea angustifolia en echinacea purpurea (smalle purperhoed en rode purperhoed):
versterking van het immuunsysteem tegen een invasie van bacteriële ziekteverwekkers, de biologische immuniteit van de patiënt wordt verhoogd.
Eupatorium perfoliatum (waterhennep):
periodieke koorts, geradbraakt gevoel in ledematen en botten, droge griephoest, galbraken, pijn in achterhoofd en ogen, duizeligheid, hevige loopneus, veel dorst, maar drinken veroorzaakt braakneigingen. Lachesis mutus (bosmeester):
ernstige ontstekingen met paarsrode ontstekingshaarden, aanhoudende hijgende hoest met taai slijm,